Trunking wordt gebruikt in omstandigheden waar men in groepen werkt die veel communiceren.
Bij conventionele portofooncommunicatie vindt het radioverkeer via aparte frequenties plaats. Wanneer er door meerdere groepen binnen een organisatie gecommuniceerd wordt, dient men over te schakelen van de ene naar de andere frequentie.

In een trunkingsysteem worden een klein aantal frequenties efficiënter en flexibeler benut. Het trunkingsysteem bestaat uit een controller, repeaters om de signalen te versterken en een hoge antenne. De diverse disciplines uit een organisatie beschikken nu niet meer over een eigen frequentie maar maken onderdeel uit van gespreksgroepen. De controller houdt bij welke frequenties vrij zijn en welke gespreksgroepen actief zijn. Als iemand uit een gespreksgroep de portofoon gebruikt, zoekt de controller een vrij kanaal en schakelt alle zenders en ontvangers uit dezelfde gespreksgroep naar dat kanaal. Iedere keer als iemand uit dezelfde gespreksgroep gaat zenden herhaalt deze procedure zich en wordt er een vrij kanaal gekozen. De gebruikers van het netwerk merken hier niets van.

Meer voordelen


   - Verdubbeld bereik van de portofoons.
   - Bij het aanmaken van een extra groep, wordt er eenvoudig een extra gespreksgroep
     gedefinieërd.
   - Geen medegebruikers op dezelfde kanalen.
   - Noodoproep mogelijkheid, waardoor de gebruiker direct via een vrij kanaal bij de meldkamer
      terecht komt.
   - Prioriteiten instellen; een bepaalde groep kan bij een calamiteit iedereen overstemmen.
   - Gestolen portofoons op afstand buiten gebruik stellen. 

MPT1327, SmartNet en Startsite zijn analoge trunkingsystemen.
TETRA is digitale trunking met meer functionaliteitenMeer over TETRA